GLOEILAMPTEST



Tradities, daar houden we allemaal van. Eeuwenoude gewoontes die we, vaak geforceerd, in stand proberen te houden. Met traditioneel ondernemen heb ik echter moeite. Als je als horecaondernemer krampachtig vasthoudt aan gewoontes die je opa en vader ook hanteerden, heb je het op dit moment waarschijnlijk niet makkelijk.

Tekst: Jeroen Veldkamp

Er zijn talloze voorbeelden van zaken die het daarom helaas niet redden. Vaak gaat het om traditionele familiebedrijven en dan met name die van ondernemers waarbij papa nog elke dag even komt kijken. Of alles nog wel gaat zoals het ging. Niet dat deze bedrijven het niet goed deden, integendeel, ze deden vaak alles zeer goed. Maar ze missen de connectie met de doelgroep. En de marketing. De consument veranderde in de afgelopen 8 jaar meer dan in de 30 jaar ervoor. Gasten willen gewoon andere ervaringen hebben als ze uitgaan. Logisch.

Uiteraard zijn er ook voorbeelden van succesvolle familiebedrijven. Neem het oertraditionele Van der Valk. Dit maakte de slag wel, en hoe! Het wist de spanning tussen het bedrijf en zijn doelgroep op een perfecte manier op te voeren en vast te houden.

Zelf onderneem ik in Eindhoven. Niet de mooiste stad van het land, maar wel de spannendste. Want omdat Eindhoven niet zo mooi is als bijvoorbeeld Den Bosch, maken ze hier vaak ‘andere keuzes’, kiezen ze voor ‘het alternatief’. Dat maakt de stad spannend. Eindhoven doet mij daarin ook vaak aan Berlijn denken: een stad met een versnipperde cultuur en die nog steeds in opbouw is. Nergens zag ik zoveel bouwkranen als onlangs nog in Berlijn. Maar door de continue bouw is er wel steeds beweging. De creatieven vinden steeds weer andere plekjes om (tijdelijk) hun ding te doen. Zonder regels en geforceerde tradities. Daarom kiezen ondernemers in Berlijn veelal voor dat ene alternatief, en dat is dus altijd spannender dan de traditionele oplossing.

 

 

Juist die spanning mis ik vaak in de horeca. We zien veel bedrijven die mooi zijn: mooie interieurs, mooie mensen, mooie kaart, mooie wijnen. Mooi, mooi, mooi. Maar in mijn optiek red je het niet met alleen mooi. Het moet spannend zijn, want dan is het ook gelijk aantrekkelijk. En wie wil er nou geen aantrekkelijke horecazaak?

Het is vaak moeilijk uit te leggen welke componenten zorgen voor spanning en dus aantrekkingskracht. Onlangs kreeg ik echter een hele simpele maar duidelijke uitleg van Remco van der Craats, van het Eindhovense bureau EDHV. De gloeilampfilosofie. Een gloeilamp heeft altijd 2 pinnetjes met een gloeidraad ertussen. Het ene pinnetje is de + en de andere de -. De + en de - geven dus samen de spanning.

Denk daar maar aan als je weer eens een horecabedrijf tegenkomt dat prachtig is ingericht en waar mooie mensen in dito bedrijfskleding lopen, maar waar helaas geen gasten komen omdat er geen spanning dus aantrekkingskracht is.

Misschien heb je zelf wel zo’n bedrijf. Pak dan de Eindhovense gloeilampfilosofie er nog eens bij en ga op zoek naar dat minnetje in je zaak. Dat werkt. Geloof me.